Gedichten
Het Schipperke
Het Schipperke is vermaard om zijn gezellige aard
En het zwart zijn zonder staart.
Met een vossekop zoals men zegt,
Met zijn neusje spits en zijn oortjes recht.
En zolang die neus maar nat en fris is,
Is 't een bewijs dat het dier zo gezond als een vis is.
En dit kleine Herdershondje Toont zijn gevoel door beweeglijke oren en kwispelend kontje.
Met roze tong en tanden blinkend wit
En een vacht glanzend als git,
Kan hij met zijn ogen als donkere kralen
U een heleboel verhalen.
Een Schipperke is iemand die van zijn baas bijzonder veel houdt, Die hij, om zo te spreken, als zijn derde vader beschouwt,
En die hem dikwijls een hele boerenwoning toevertrouwt, Waar hij door blaffen bedelaars en dieven vandaan weet te jagen, Want waken is zijn lust, daar hoef je niet om te vragen.
Hij is altijd erg nieuwsgierig, Steeds in de weer en behoorlijk tierig.
De gewoontes van het huis kent hij allen gewis,
Waarschuwt direct als hij meent dat er onraad is.
En dan zij bovendien vermeld, Dat hij op vreemden niet is gesteld.
Rennen kan hij snel als de wind, Daarbij de beste maat van uw kind!
Als een haas niet op z'n tellen past,
wordt hij door het Schipperke verrast.
Als het kan jaagt hij op mollen en ratten,
Is in huis de vriend van uw katten.
Daarnaast is ook nog vermeldenswaard, Dat hij het gezelschap zoekt van het paard.
Hij is Belg, klein, sterk, verstandig, moedig en trouw,
Ziedaar het Schipperke, waar ik zo van hou!
vrij naar het gedicht "De Hond" van De Schoolmeester, pseudoniem Gerrit van de Linde (1808-1858)
Mijn Schipperke
Ik ben Belg, klein, sterk, trouw, verstandig, moedig en zwart en nog veel meer…
Hij is Belg.
Vanuit België ging hij naar Nederland en ook naar verre landen, Waar steeds meer mensen hun hart aan hem verpanden.
Hij is wereldburger.
Hij is klein.
Maar alleen in andermans ogen is hij het, Afmetingen zeggen niets daar wordt niet op gelet.
Hij is mijn vriend.
Hij is sterk.
Hij is gezond en wordt veelal heel oud.
Zijn hart is sterk, maar ook van goud.
Hij is mijn kleine zwarte duiveltje waar ik zo van houd.
Hij is trouw.
Zijn baas en vrouw wil hij graag toebehoren.
Zijn trouw kent geen grenzen en gaat ook nooit verloren.
Hij is mijn schat.
Hij is verstandig.
Hij kent zijn eigenwaarde en weet hoe ver te gaan. Hij zal zijn huis bewaken, gaat nooit ver daar vandaan.
Hij is mijn waakhond.
Hij is moedig.
Op alles, hoe groot of hoe lawaaiig ook, zal hij letten.
Met ratten en insluipers maakt hij korte metten.
Hij is mijn metgezel.
Hij is zwart.
Hij drukt zijn warme lijfje tegen mij aan, zijn roze tongetje likt mijn oor en wil nog verder gaan.
Hij is mijn hond.
Hij is mooi.
Elegant en een lust voor het oog.
Fier in stand, draagt zijn kopje hoog.
Hij is een sieraad in huis.
Hij is lief.
Hij houdt van u en u kunt op hem bouwen.
Uw baby en uw kinderen kunt u hem toevertrouwen.
Hij is mijn lieveling.
Hij is alert.
Hij is altijd aanwezig en volgt me in alle hoeken. Altijd klaar om wat ik doe te onderzoeken.
Hij is mijn schaduw.
Hij houdt mij gezond.
Hij moet geregeld naar buiten, soms tot mijn verdriet.
Maar wandelen is gezond, zelfs als het regent dat het giet.
Hij is mijn speelkameraad.
Hij is vrolijk.
Hij houdt van het leven, van rennen en spelen. Met hem bij je zul je jezelf nooit vervelen.
Hij houdt de boel aan de gang.
Hij is een bron van vreugde.
Zijn donkerbruine ogen weerspiegelen karakter en geweten.
Met één blik kan hij je alle nare dingen doen vergeten.
Hij is MIJN Schipperke.